Anders bidden

Bidden op een andere manier is het bidden vanuit Christus in plaats vanuit jezelf. Bidden vanuit jezelf is het bidden vanuit datgene wat jou nu bezighoudt. Dat kan al naar gelang de omstandigheden blijdschap of dankbaarheid zijn, maar ook bezorgdheid of verdriet, zekerheid of angst, twijfel of geloof.

Dat betekent dat het gebed zijn vertrekpunt vindt in jouw gemoedsgesteldheid. Van daaruit roep je God aan. Nu lijkt het inderdaad dat het bidden op deze manier goede papieren heeft. We komen het toch ook in de psalmen tegen. Je hoeft maar een willekeurige psalm open te slaan of je hoort de nood van waaruit de psalmist bidt. Enkele willekeurige voorbeelden zijn:

Psalm 5
2 Luister naar mij, Heer!
Hoor hoe ik klaag.

3 Hoor hoe ik om hulp roep,
mijn koning, mijn God.
Hoor mijn gebed.

Psalm 63

2 God, u bent mijn God!
Ik zoek u,
met heel mijn hart verlang ik naar u,
mijn hele lichaam verlangt naar u.
Om mij heen is het dor en droog,
nergens vind ik water.

3 Ik verlang naar u,
want ik heb u gezien in uw tempel.

Maar als je nu deze woorden niet vanuit jezelf bidt,  maar vanuit Christus? Dan verandert het perspectief. Jij bent het niet allereerst die bidt, maar het is Christus die deze woorden bidt. Er is geen gebed dat Hij niet gebeden heeft omdat er ook geen nood is die Hij niet gekend heeft. Hij heeft in zijn leven op aarde God aangeroepen, maar dat doet Hij ook nu. Hij bidt voor ons en door zijn Geest in ons en met ons en wij met Hem.

Het gebed is dan de eenheid met Christus. Bidden is deelhebben aan het gebed van Christus. Dat maakt het bidden al een stuk eenvoudiger. Het komt niet vanuit ons , maar vanuit Hem. Als Hij bidt zijn onze noden al in zijn gebed opgenomen. Als Hij verhoord is en wordt, zijn onze gebeden al gehoord en verhoord. Als Hij voortdurend bidt is er een gebed dat altijd doorgaat, ook als wij niet bidden. Eigenlijk kan het dan niet meer dat wij niet bidden. Wij zijn voortdurend in gebed (ingebed) omdat Christus voortdurend in ons aanwezig is. Wij hoeven het gebed dus niet meer aan te jagen en op te zetten, omhoog te duwen als het ware, maar wij maken deel uit van het gebed dat er is. Dat is een verborgen bron in ons.

De aanvechting en misleiding is dat we van deze plaats afgehaald worden. Psalm 62:5 “Zij willen hem van zijn hoogte storten, de leugen is hun lust en hun leven”. Dan worden we naar onszelf terugverwezen. Wie wij zijn of wie wij geweest zijn. Wat we ervan terecht gebracht hebben of juist niet ervan terecht gebracht hebben. Dan staat niet Hij in het centrum, maar wij. Dan vallen we van de Hoogte die Hij is. Niets voor niets bidt de psalmist in psalm 27 : “Hij plaatst mij hoog op een rots” en psalm 61 “leid mij op een rots die mij te hoog zal zijn”. Daar kunnen we uit onszelf niet op komen, die Hoogte geeft Hij ons in Hem. (In de citaten gebruik ik de NBG en NBV vertaling door elkaar.)

Maar we kunnen er ons wel af laten halen. En dan verliezen we. We luisteren naar de aanklachten in ons hart, naar het negatieve, het moedeloze en we geven het gebed op.
Anders bidden is bidden met Zijn woorden en dat zijn de woorden van de psalmen. Dan is ons bidden een gedragen worden op de wieken van de Geest en rusten we in vertrouwen. Dan is bidden helemaal niet moeilijk meer, het wordt een feest, het is thuiskomen en schenkt grote vreugde.

Psalm 84:
2 Hoe liefelijk zijn uw woningen, o Here der heerscharen!
3 Mijn ziel verlangt, ja smacht naar de voorhoven des Heren;
mijn hart en mijn vlees jubelen tot de levende God.