Over Peter Schormans

Het is altijd moeilijk om iets over jezelf te zeggen, daarom laat ik Tjerk de Reus aan het woord die mij interviewde voor het blad Koers.

Maar allereerst wil ik iets zeggen over ons gezin. Je ziet mij afgebeeld met Corry, en dat is bedoeld als een hommage aan haar. In goede en slechte tijden was en is zij trouw aan mijn zij. Een geweldige vrouw en bijzondere moeder van drie kinderen en oma van negen kleinkinderen. De spil van ons gezin, een verborgen bron, zeker ook in spiritueel opzicht.

En dan nu Tjerk de Reus.

Peter Schormans studeerde theologie in Groningen en is (emeritus-)predikant in de Protestanse Kerk in Nederland. Hij diende de volgende gemeenten:

Augustinusga

Augustina

Woerden

kerk Woerden

Sloten

kerk Sloten

Geldermalsen

Geldermalsen

Wijckel

kerk Wijckel

Ook was hij leraar godsdienst en maatschappijleer aan het Ichtuscollege te Enschede en het Lauwerscollege te Buitenpost.

In De broers Karamazov van Dostojevski ontdekt PKN-dominee Schormans de genade. “Niemand van de Karamazovs bereikt zijn ideaal en toch is God aanwezig. Dat raakte mij.” Schormans vond God terug.

Zelf dacht de predikant dat hij alleen bij Christus kon komen als hij aan die hoge idealen voldeed. Dat kwam bij zijn katholieke wortels vandaan. Vanaf zijn achtste ervoer hij de roeping om priester te worden, waardoor hij op twaalfjarige leeftijd bij het seminarie van de Karmelieten in Limburg terechtkomt.

Hij houdt er een dubbel gevoel aan over. “Het was zeer spiritueel. Daar heb ik veel aan gehad. Elke dag wekten ze je om zes uur met de woorden ‘geloofd zij Jezus Christus’. Om half zeven zat ik in de mis: drie diensten op een dag met tussendoor nog retraite- en stiltedagen.” Uit zijn jeugd herinnert hij zich dat de hele gemeenschap bij het kruis aan de weg samenkwam om te bidden voor een jongen met bloedvergiftiging. Weken achter elkaar. “De liturgie lag op straat in het zuiden. Dat was rijk, enorm rijk.”

Maar op het seminarie krijgt hij ook een hoog ideaalbeeld opgelegd. “Er zaten hele goede leraren. Maar ook die hun macht misbruikten. Dat heb ik als gewetensonderdrukking ervaren.” Achteraf kan hij niet zeggen dat het dé reden is dat hij van het seminarie afging. “Er spelen allerlei processen en in die tijd wilde iedereen zich losmaken van de instituten.” Hij vertrekt. “Een gevoel van falen omdat ik mijn ideaal niet kon verwezenlijken. Vanaf toen voelde alles als een noodoplossing.”

In Groningen gaat hij Nederlands studeren. Hij gaat naar een weekend van de studentenvereniging over de God-is-dood-theologie. “Dat leek mij een mooie oplossing. Dan was ik meteen van de kerk en haar normen en waarden af.” Ze lezen de Grootinquisiteur. Schormans is geraakt en koopt het boek. Hij gaat drie weken niet naar college en leest.

Door de roman geraakt, koopt Schormans een Bijbel. Als hij eenmaal begint te lezen verzuimt hij weer een paar weken college. “Woorden van levend water”, zegt hij terwijl hij zijn vingers over het zwartleren kaft van zijn Bijbel laat glijden die voor hem ligt. Hij gaat theologie studeren. “Het kan toch”, dacht ik. “Met God en theologie bezig zijn zonder dat je daarvoor aan het ideaal moet beantwoorden.”

Van Dostojevski leerde Schormans wat het Evangelie inhoudt: “Waar niets meer overeind staat, alles aan scherven ligt. Daar woont Hij. Als het Evangelie niet op iedere plaats en door ieder mens omarmd kan worden, is er iets mis. Het moet voor de allerzwakste en voor de allerslechtste en de allerarmste te ontvangen zijn.”

Hij schreef er een boek over: Brieven aan Karamazov. Het hart van de mens als slagveld tussen God en duivel.

Peter en Corrie Schormans