Dostojevski: zijn leven en zijn werk

DostojevskiWie was Fjodor Dostojevski? Daar is moeilijk antwoord op te geven. Net zo moeilijk als het antwoord op de vraag wie jezelf bent. Ken ik u als ik uw levensloop ken, uw gedachten en ideeën, uw werk, uw successen en uw misslagen? Bent u dat? Of bent u toch meer dan dat? Is een mens niet altijd meer dan zijn succes en zijn gebrek?

Ik kan u dus niet zeggen wie hij was. Ik kan u wel wel zeggen wat ik van hem weet. Hoe ik aan die kennis kom? Door veel te lezen. In Dostojevski zie ik een zielsverwant. Een Rus uit een andere eeuw, de 19e en ik uit de eerste helft van de vorige eeuw, en toch herkenning! Dostojevski lezen, heeft iemand gezegd, is een confrontatie met jezelf aangaan. Dostojevski was een gek, zeggen sommigen, een hysterische epilepticus en schrijven kon hij niet zegt Nabokov en Karel van het Reve.

Wonderlijk dat zo iemand dan toch tot de wereldliteratuur behoort, dat Freud zijn roman “Karamazov”de beste noemde die hij ooit gelezen had en Nietzsche, ondanks zijn kritiek, hem toch de enige psycholoog noemde van wie hij iets geleerd had.

Wie was Dostojevski? Mijn eerste antwoord was: Dostojevski was een mens met al zijn gebreken, verlegen, stug,eerzuchtig, onzeker, angstig , labiel, overgevoelig en ga nog maar even door.! Maar de meest moeilijke omstandigheden en zijn talent en inzicht hebben hem tot een bijzonder mens gemaakt. Een profeet, atheïst en diep – gelovige, soms beiden tegelijk. “Ik wil u vertellen dat ik een kind van deze tijd ben, een kind van het ongeloof en de twijfel en het waarschijnlijk(nee zeker) tot aan het einde van mijn leven blijven zal. Hoe vreselijk kwelde mij (kwelt mij ook nu) het verlangen naar het geloof, dat steeds sterker wordt naarmate ik bewijzen er tégen heb (…) Ik geloof dat er niets mooier, dieper, sympathieker, verstandiger, mannelijker en volkomener is dan de Heiland; ik zeg met een jaloerse liefde tegen mezelf, dat zo iemand er niet alleen niet is, maar ook niet zijn kan.

Ik wil het nog sterker zeggen: Als iemand mij had kunnen bewijzen, dat Christus de waarheid niet is, dan zou ik er toch voor kiezen bij Christus en niet bij de waarheid te blijven.”